Op- en inbouwzwembaden

Het inbouwen van een zwembad vraagt veel denkwerk. Het is namelijk van belang dat dit goed gebeurt zodat de grond, de omgeving en het zwembad niet na korte tijd al beschadigd raken. Naast het kiezen van een strategische locatie is het soms ook nodig om een vergunning te hebben. Meer over de stappen die je moet volgen bij het inbouwen van een zwembad lees je hieronder.

  1. Bekijk alle op- en inbouwzwembaden

1. Ruimte

Over de ruimte waar je het zwembad wilt plaatsen moet je heel nauwkeurig zijn. Het zwembad is namelijk niet zomaar weer te verplaatsen en een gat in de grond is niet eenvoudig weer te dichten. Eerst kijk je naar de status van de grond. Is het een oppervlakte met weinig onkruid, wortels en stenen? Is de oppervlakte waterpas? Komt er voldoende zon op deze plek? Vervolgens check je of je dichtbij een waterafvoer, wateraansluiting en elektra aansluiting zit. Tot slot is het belangrijk dat je het zwembad niet onder hoogspanningskabels plaatst en liever ook niet onder bomen.

2. Vergunning

Bij bijna ieder zwembad mag je zelf bepalen waar en wanneer je het zwembad ingraaft. In sommige gevallen heb je echter een vergunning nodig via het gemeentebestuur voordat je het bad mag plaatsen. Dat moet bijvoorbeeld als je zwembad groter is dan dertig vierkante meter, zoals de Interline Century Ovaal 1250cm. Het moet ook als je bad hoger is dan 1,5 meter. Tot slot moet je een vergunning hebben als je het bad in de voortuin wilt plaatsen, als je het bad dichtbij een waterloop wilt plaatsen en als je het zwembad verder dan dertig meter van de woning wilt plaatsen.

3. Voorbereiding

Voordat je begint met graven is het goed om de afmetingen voor jezelf overzichtelijk te maken op een plattegrond. Bij een rond bad moet je er bijvoorbeeld rekening mee houden dat de diameter van het gat een meter meer bedraagt dan de diameter van het zwembad. Bij een ovaal bad moet het gat een meter langer en twee meter breder zijn dan de afmetingen van het zwembad. Houdt er tot slot rekening meer dat de skimmer, inlaat en trap een goed plekje krijgen en dat de diepte van de put vijftien centimeter meer moet zijn dan de hoogte van het zwembad. Zorg uiteraard voor een waterpas ondergrond, het liefst van beton. Leg daarop vilt om beschadiging te voorkomen.

4. Installatie

Als de voorbereiding achter de rug is, dan kun je het zwembad in elkaar zetten volgens de instructies. Eerst sluit je de filterinstallatie aan voordat je het zwembad vult met water. Als het zwembad van zichzelf nog niet stabiel genoeg is, bevestig je losse polystyreenplaten aan de buitenzijde. Als je alles hebt gecontroleerd, kun je het gat rond de buitenzijde van het zwembad opvullen met zand. Let erop dat je dit gelijkmatig langs de randen doet zodat het bad niet meer verschuift. Je kunt er zelf nog voor kiezen of je een speciale badrand wilt aanleggen of niet. Bij iedere stap in dit proces is het nooit verkeerd om een professional in te schakelen. Zo weet je zeker dat je geen fouten maakt in het proces.